Kruidentuin

Aan de oostkant van de hof ligt de kruidentuin, omsloten door twee beukenhagen en ingedeeld door heggetjes van buxus. De vorm van de kruidentuin is klassiek. Het witte grind van de paadjes geeft een mooi contrast met het diepe groen van de buxus. In het midden staat een rustieke object.

In de vakken staan keukenkruiden, zoals bieslook, knoflook, Egyptische ui en peterselie in het zuidwester gedeelte. In het zuidooster vak groeien muntsoorten en citroenmelisse, die beide worden gebruikt voor thee, net als de calendula (goudsbloem) die overal in de kruidentuin voor een kleurige noot zorgt. Het noordooster vak is beplant met oregano, tijm, mierikswortel, lavas en rozemarijn. In het noordwester vak groeit de borage, citroenkruid en laurier.

De kleine kwartcirkels in het midden zijn gevuld met salie, grote engelwortel en kamille, venkel en lievevrouwebedstro, selderij, en het ook overal de kop opstekende winterpostelein. Wijnruit en boerenwormkruid in de achterste vakken maken het compleet. 's Zomers wordt in de bak ook venkel en basilicum gezaaid. De wilde papavertjes zijn als kleuraccentjes welkome gasten en worden dus ook niet verwijderd.
» witte tuin

kruidentuin